Wat zijn E-nummers?

E-nummers worden toegevoegd voor extra kleur en smaak en/of voor een betere houdbaarheid. In tegenstelling tot wat velen denken, zijn niet alle E-nummers synthetisch maar vaak van plantaardige of dierlijke oorsprong. Zo staat bijv. E300 voor vitamine C en E901 voor bijenwas.
De wet bepaalt hoeveel van deze stoffen – die zowel plantaardig, dierlijk als synthetisch kunnen zijn – er maximaal mogen worden toegevoegd aan een voedingsproduct. Een
E-nummer is bovendien een garantie dat de Europese autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) de stoffen gecontroleerd heeft en veilig bevonden.

Wat is het verschil tussen (kilo)calorieën en (kilo)Joule?

Voedingsstoffen leveren energie. Die wordt op het etiket in twee verschillende eenheden weergegeven: in kcal (kilocalorieën) en kJ (kiloJoule). KiloJoule wordt vooral in de wetenschap gebruikt, terwijl kilocalorieën de bekendere term is. De omzetting werkt als volgt: 1 kcal = 4,19 kJ

Hoe bereken je het aantal kcal?

Om de hoeveelheid energie in een voedingsmiddel te berekenen, moet je kijken naar de macronutriënten (vetten, eiwitten en koolhydraten) in het product. Ook alcohol moet je trouwens meetellen. Concreet:

  • 1 gram eiwit = 4 kcal
  • 1 gram koolhydraten = 4 kcal
  • 1 gram vet = 9 kcal
  • 1 gram alcohol = 7 kcal

Op die manier kan je het totale caloriegehalte van een product berekenen. Als voorbeeld nemen we 100 gram rijst. De portie bevat 8 gram eiwitten, 84 gram koolhydraten en 0,3 gram vetten. Het resultaat bereken je dan op deze manier:

  • Eiwit: 8 x 4 = 32
  • Koolhydraten: 84 x 4 = 336
  • Vetten: 0,3 x 9 = 2,7

⇒ 100 gram rijst bevat dus in totaal 370,7 kcal

Hoeveel kcal mag ik dagelijks eten?

Voor elk voedingsmiddel bestaan er aanbevolen dagelijkse hoeveelheden, ook bekend als referentie-innames (RI). Deze hoeveelheden kunnen variëren in functie van de leeftijd, het gewicht, de grootte, het geslacht en het niveau van lichaamsbeweging.

De waarde die meestal als gemiddelde wordt gebruikt, is 2000 kcal, maar dit kan variëren:

  • Voor kinderen tussen 1500 en 2000 kcal;
  • Voor vrouwen tussen 1800 en 2200 kcal;
  • Voor mannen tussen 2200 en 2700 kcal.

Onze definitie:Voor SmartWithFood is een product vegetarisch als het geen ingrediënten bevat waarvoor dieren werden gedood. Concreet betekent dat: geen vlees, gevogelte, vis, schaal- of weekdieren. Maar ook bijproducten van de slacht zoals bijvoorbeeld gelatine (gemaakt uit beendermeel) of dierlijk kaasstremsel (afkomstig van de kalfsmaag) horen hierbij.

Niet alleen die bijproducten maar ook de verschillende E-nummers waar je rekening mee moet houden, maken het niet altijd even makkelijk om 100 % zeker te zijn dat je een vegetarisch voedingsproduct te pakken hebt. Zo staat bijvoorbeeld E120 (ook bekend als karmijn of cochenille) voor een rode kleurstof die uit schildluizen wordt gewonnen – allesbehalve vegetarisch dus.

Hoe kcal verbranden?

We verbruiken sowieso al een bepaalde hoeveelheid energie om ons lichaam te onderhouden terwijl we rusten (zie ook ruststofwisseling), maar we verbranden natuurlijk nog meer calorieën als we bewegen. Hoeveel precies, hangt af van hoe je beweegt en hoe intensief je dat doet. Loop je bijvoorbeeld 15 kilometer per uur, dan verbruik je meer energie dan iemand die 10 kilometer per uur loopt.

Een vrouw van 70 kilogram verbrandt zo:

  • 210 kcal per uur tijdens het wandelen;
  • 420 kcal per uur tijdens het fietsen;
  • 700 kcal per uur tijdens het lopen of zwemmen.

Welke types vegetarisme zijn er?

Niet elk type vegetariër kiest er voor geen vlees of vis te eten. Sommigen vermijden ook andere voedingswaren terwijl anderen dan weer wel vis eten. Enkele bekende varianten op het ‘strikte’ vegetarisme zijn:

  • De pescotariër: eet geen vlees, maar wel vis, zuivelproducten en eieren
  • De lacto-vegetariër: eet geen vlees, vis of eieren maar nog wel zuivelproducten
  • De ovo-vegetariër: eet geen vlees, vis of zuivelproducten maar nog wel eieren
  • De lacto-ovo-vegetariër (de meest voorkomende vorm): eet geen vlees en vis maar wel zuivelproducten en eieren

Wat is het verschil tussen verzadigde en onverzadigde vetzuren?

  • Verzadigde vetten vind je vooral terug in dierlijke voedingsmiddelen als boter en vette vleessoorten.
  • Onverzadigde vetten, waaronder de omega 3- en omega 6-vetzuren, vind je vooral terug in vette vis en in plantaardige voedingsmiddelen zoals noten en oliën.

Vetten vormen, naast een belangrijke voedingsreserve, ook een belangrijke isolatielaag. Je hebt ze dus wel degelijk nodig, maar je kan er best wel slim mee omspringen als je je cholesterolgehalte binnen de perken wil houden en het risico op hart- en vaatziekten wil beperken. Dat doe je door aandachtig de verhouding tussen onverzadigde ‘goede’ vetten en verzadigde ‘slechte’ vetten in de gaten te houden. Een voedingsmiddel bevat altijd een mix van deze vetten, maar hoe meer onverzadigde vetten een product bevat, hoe beter het is voor je hart en bloedvaten.

In de voedingswaardetabel worden de totale hoeveelheid vetten en de verzadigde vetten weergegeven. Via deze twee waarden kan je ook de hoeveelheid onverzadigde vetten berekenen door de hoeveelheid verzadigde vetten van de totale hoeveelheid vet af te trekken.

TIP: dit geheugensteuntje helpt je te onthouden wat goed voor je is:

  • Onverzadigde vetten zijn Ok;
  • VERzadigde vetzuren zijn VERkeerd (en dan vooral de transvetten).

Wat is het verschil tussen natrium en zout?

Met zout bedoelen we keukenzout, dat is samengesteld uit 40% natrium en 60% chloride. De waarde van natrium is dus altijd kleiner dan de waarde van zout.

Sinds 13 december 2016 is het wettelijk verplicht om de waarde onder vorm van zout te vermelden en niet langer onder de vorm van natrium.

Wat betekent light?

Een voedingsclaim is een positieve stelling over de samenstelling van een product, zoals ‘light’, ‘suikervrij’ of ‘vezelrijk’. Net als de gezondheidsclaims worden de voedingsclaims door de Europese wetgeving (EFSA) geregeld.

Die claim ‘light’ mag gebruikt worden zodra het product minder dan 30% calorieën OF suikers OF vetten bevat dan een vergelijkbaar product. Light chips kan dan inderdaad 30 % minder vetten bevatten dan gewone chips, maar tegelijk ook meer suiker, waardoor de light chips niet noodzakelijk gezonder is …

Wat is het verschil tussen allergie en intolerantie?

Zowel een voedselallergie als een voedselintolerantie is het verschijnsel waarbij mensen ziek worden of klachten krijgen na het eten van een bepaald voedingsmiddel. De termen worden al eens met mekaar verward en toch is er een groot verschil.

Bij een allergie wordt de reactie veroorzaakt door het immuunsysteem en zijn de symptomen vrij duidelijk.
Bij een intolerantie wordt de reactie niet veroorzaakt door het immuunsysteem maar door een slechte vertering of problemen met de opname door de darmen. Enkel in het geval van glutenintolerantie (=coeliakie) speelt het immuunsysteem wel een rol.

Bij de meeste allergieën is het ook noodzakelijk volledig allergeenvrij te eten en drinken. Voedingswaren die één of meerdere allergenen bevatten waar de persoon gevoelig aan is, moeten dan ook absoluut vermeden worden. Bij bepaalde intoleranties volstaat het om de consumptie van de allergenen te beperken. Vraag daarover steeds raad aan een ervaren arts of diëtist.

Wat zijn gluten?

Gluten zijn eiwitten die aanwezig zijn in producten op basis van tarwe, spelt, rogge, gerst, haver en kamut (khorasantarwe) en die door een immuunreactie de darmwand beschadigen van de personen die intolerant zijn.

Wat is het verschil tussen tarweallergie en coeliakie (glutenintolerantie)?

Glutenintolerantie (coeliakie) wordt soms verward met tarwe-allergie. Coeliakie is echter een overgevoeligheid voor gluten, waarbij alle graansoorten die gluten bevatten, moeten worden vermeden. Bij een tarwe-allergie reageert men allergisch op tarwe, maar worden andere graansoorten als rogge, gerst, haver, spelt en kamut meestal wel goed verdragen. Omdat deze graansoorten biologisch nauw verwant zijn aan tarwe, bestaat er wel een risico op kruisallergie. In dat geval moeten ook de andere graansoorten vermeden worden.

Wat is ruststofwisseling of basaal metabolisme?

Ook als je niet actief bezig bent, heeft je lichaam energie nodig. Om te ademen en op temperatuur te blijven, maar ook om je haar en nagels te laten groeien en wondjes te genezen.

De ruststofwisseling (ook bekend als basaal metabolisme) is het energieverbruik van een persoon in rust, liggend in een aangename omgevingstemperatuur (+/- 22°) en met een lege maag. In die omstandigheden verbruik je immers geen extra energie voor lichamelijke activiteiten, het regelen van je lichaamstemperatuur of je spijsvertering.

Omdat de ruststofwisseling twee derde van het dagelijkse energieverbruik vereist, speelt het een belangrijke rol in het bepalen van de hoeveelheid energie die je dagelijks nodig hebt. Dat wordt enerzijds berekend op basis van gewicht, leeftijd, lengte en gewicht, maar kan anderzijds ook gemeten worden via je persoonlijke zuurstofopname en kooldioxide-uitstoot.

Wat is glucose?

Glucose – ook bekend als dextrose of druivensuiker – is een enkelvoudig koolhydraat dat in je lichaam ontstaat bij het verteren van andere koolhydraten. Je lichaam neemt dan de glucose op in je bloed om het te transporteren naar de weefsels die het kunnen verbranden, zoals spieren.

Wat is de bloedsuikerspiegel?

De bloedsuikerspiegel is de hoeveelheid glucose die in je bloed zit. Die stijgt al snel na het eten van een maaltijd met koolhydraten (tot +/- 1 à 2 uur na de maaltijd bij gezonde mensen) en neemt daarna weer af. De bloedsuikerwaarde geeft dus aan hoeveel glucose er in het bloed zit.

Ideaal is het als de bloedsuikerspiegel niet te veel of al te sterke schommelingen vertoont.

Wat zijn essentiële aminozuren?

Aminozuren zijn bouwstenen voor het eiwit in lichaamscellen. Sommige aminozuren kan het lichaam zelf aanmaken, maar andere moet je uit voeding halen. Die laatste noemen we de essentiële aminozuren.

Van de 22 aminozuren, zijn er 13 die het lichaam zelf kan aanmaken, de andere 9 moet via voeding binnenkrijgen. Daarnaast zijn er ook 6 ‘semi-essentiële’ aminozuren, die normaal gezien door het lichaam zelf aangemaakt worden, maar door een bepaalde ziekte of aandoening toch via voeding moeten worden aangevuld omdat het lichaam er niet voldoende van aanmaakt.

Essentiële aminozuren
Histidine
Isoleucine
Leucine
Lysine
Methionine
Fenylalanine
Threonine
Tryptofaan
Valine

Niet essentiële aminozuren
Alanine
Asparaginezuur
Cysteïne
Cystine
Glutaminezuur
Tyrosine
Hydroxyproline

Semi-essentiële aminozuren
Arginine
Asparagine
Glutamine
Glycine
Serine
Proline

Wat zijn transvetten?

Transvetten zijn een bepaald type onverzadigde vetzuren. Maar waar onverzadigde vetzuren over het algemeen goed voor de gezondheid zijn, zijn transvetten dat absoluut niet. Dat heeft te maken met de chemische structuur ervan, waardoor ze moeilijker te verwerken zijn.

Transvetten zijn bovendien nog slechter voor de gezondheid dan verzadigde vetten. Transvetten verhogen immers het cholesterolgehalte van het bloed en zo het risico op hart- en vaatziekten.

Transvetten komen van nature voor in bepaalde producten of ze ontstaan bij het industrieel gedeeltelijk harden van vetten. Bij het volledig harden van onverzadigd vet ontstaan geen transvetzuren.

Probeer de app uit

dl_app_storedl_play